Biografie

Een duizendpoot wordt Lydia Rood genoemd, omdat ze zo veel verschillende soorten verhalen schrijft. Spannende en droevige, ernstige en grappige, lange en korte, schone en vieze, voor kleine kinderen, grote kinderen en voor volwassenen. Maar zelf zegt ze: "Hád ik maar duizend poten! Dan zou ik met schrijven misschien mijn hoofd bij kunnen houden..." Want het borrelt in haar hoofd van de verhalen, al sinds ze klein was. Haar vader vond dat Lydia's hoofd op een flipperkast lijkt.

Lydia Rood (23 mei 1957) schrijft al zo lang ze zich kan herinneren. Haar eerste gedicht schreef ze toen ze vijf jaar was. Het ging zo:

GEDGT

DWINT RUIST
DOOR DBOOMEN
DSNEEUW


Schrijven leer je door veel te lezen, dus dat ging vanzelf. Na het vwo heeft Lydia Spaans gestudeerd en ze is ook journalist geweest. Haar eerste kinderboek Een geheim pad naar gisteren verscheen in 1982, maar ze heeft ook thrillers en romans geschreven. Onder de prijzen die ze kreeg (en net niet kreeg) is een Zilveren Griffel voor het jeugdboek Een mond vol dons, de IBBY-prijs voor Anansi's web ( = Dans om het zwarte goud), en een nominatie voor de Gouden Lijst voor Niemands meisje. Dat laatste boek won in 2018 ook de Lang zullen We Lezen -trofee van de VRT.

Toen haar dochter Roosmarijn nog klein was, ontstonden ook over haar verhalen: Roosmarijn kan alles. De echte Roosmarijn kan nog steeds alles. Hier is ze op weg van Vuurland naar Alaska.

In 2007 schreef Lydia Rood het kinderboekenweekgeschenkKaloeha Dzong.

Het populairst is misschien wel Marietje Appelgat en haar vieze vrienden, over een meisje dat zo smerig is, dat er altijd vliegen rond haar hoofd zoemen.

Lydia houdt het meest van verhalen waaraan je zelf kunt meedoen. Schrijven, zegt ze, lijkt op spelen: je doet of je ergens anders en iemand anders bent.

Heel veel plezier beleeft ze aan de serie over Drakeneiland, waar alleen kinderen wonen. Veel kinderen zouden daar graag echt naar toe gaan. Daarom heeft Lydia ook Drakeneilandkampen georganiseerd - helemaal zonder volwassenen! (Als je daar meer over wilt weten, klik je hier.)

Omdat Lydia veel van reizen en avonturen houdt (ook als kind al), zoekt ze haar inspiratie graag in andere landen. Zo speelt De ogen van de condor in Colombia en Papegaaien liegen niet in Nicaragua. Soms schrijft ze samen met haar man Mohamed Sahli over zijn geboorteland Marokko.

Maar ze reist ook graag in de tijd, bijvoorbeeld voor Kathelijne van Kenau of De jongen die in de muur verdween. Ze is dan ook lid van de Schrijvers van de Ronde Tafel. Haar mooiste boek vindt ze zelf De ridders van Rosande. En dat speelt in het land van haar jeugd (maar dan zes eeuwen vroeger).

Ze komt heel graag op scholen om over haar boeken te praten, en ze is ook Schoolschrijver. (Lees hier maar wat dat is, of bekijk het filmpje.)

Soms krijgt ze dan van echte, levende kinderen een verhaal cadeau, zoals Xinia's wraak, of Justins rivaal.

Lydia houdt van apen (slim), katten (eigenwijs) en schildpadden (vasthoudend), maar het meest van mensen, vooral omdat die gekker zijn.
Haar lievelingseten is hersenen - nee, géén mensenhersenen!

 

Lydia Rood